Spring naar content
Homepage

Gewasbescherming

Wat wil de sector op het gebied van gewasbescherming?
De bloembollensector streeft een in alle opzichten duurzame bescherming na van bloembolgewassen en producten tegen bollenziekten, plagen en onkruiden. Dat geldt voor (producten uit) de gangbare en biologische teelt.

Dit wil de sector aan de ene kant bereiken door een breed pakket van zo milieuvriendelijk mogelijke gewasbeschermingsmiddelen ter beschikking te houden en aan de andere kant onderzoek te stimuleren naar alternatieve middelen en methoden die het milieu nog verder ontlasten en toepassing hiervan te propageren. 

De bloembollensector heeft met overheden en andere partijen in het Convenant Duurzame Gewasbescherming afspraken gemaakt over een aanzienlijke reductie van de milieubelasting als gevolg van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen
(Sectorplan Gewasbescherming Bloembollenteelt 2003-2010  en Jaarplan Gewasbescherming Bloembollen en Bolbloemen 2008). In 2010 moet een duurzame gewasbescherming zijn gerealiseerd en een vermindering van de milieubelasting met 95% ten opzichte van 1995. In jaarplannen worden de activiteiten vermeld die tot deze milieuverbetering moeten leiden. 

Wie maken het beleid?
De Werkgroep Gewasbescherming van het Milieuplatform adviseert de bloembollensector over het te voeren gewasbeschermingsbeleid (samenstelling Milieuplatform). De KAVB werkt op het gebied van gewasbescherming samen met andere plantaardige sectoren in de  LTO-werkgroep Gewasbescherming.

Veelgestelde vragen:

  • Sinds 1 januari 2005 verplicht de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Geïntegreerde Gewasbescherming mij om een gewasbeschermingsplan te maken. Hoe moet deze eruit zien?
    Antwoord: Het plan hoeft geen bepaalde vorm te hebben. De overheid vindt wel dat telers een vaste route moeten afleggen wanneer ze een plaag willen bestrijden. Die route luidt als volgt:
    - welke risico's loop ik op een bepaald perceel;
    - welke preventieve maatregelen kan ik nemen;
    - is er echt een noodzaak tot bestrijden;
    - kan dat op een niet-chemische wijze;
    - en als het chemisch moet, wat is dan de minst milieubelastende manier?
    In de AMvB Geïntegreerde gewasbescherming zijn dertien punten opgenomen, die de kweker bij zijn afwegingen moet betrekken. De KAVB heeft speciaal voor leden een eenvoudig voorbeeldplan ontwikkeld, dat aan deze dertien punten voldoet. Het plan hoeft u niet in te sturen, maar moet wel bij controle door de AID getoond kunnen worden.
  • Waar vind ik informatie over toegelaten gewasbeschermingsmiddelen?Antwoord: U kunt daarvoor terecht op de website van het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (de bestrijdingsmiddelendatabank). Op de website van de Nederlandse branche-organisatie van toelatinghouders (Nefyto), http://www.fytostat.nl/, kunt u meer informatie vinden over eigenschappen van middelen en over het werken met gewasbeschermingsmiddelen.
  • Waar vind ik informatie over aaltjes en de beheersing van aaltjes?
    Op http://www.aaltjesschema.nl vindt u informatie over de vermeerdering van en schadegevoeligheid voor aaltjes in relatie tot bepaalde gewassen. Ook is er achtergrondinformatie beschikbaar.
  • Hoe kan ik op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen over gewasbeschermingsmiddelen?
    Antwoord: nieuwe ontwikkelingen worden gemeld in de nieuwsbrieven van het Milieuplatform die elk bloembollenbedrijf regelmatig ontvangt. Ook via het vakblad BloembollenVisie worden de actuele ontwikkelingen vermeld.
  • Aan welke eisen moet ik voldoen om mijn gewasbescherminglicentie te verlengen?
    Antwoord: Alle informatie over het verlengen en het verkrijgen van de gewasbescherminglicentie treft u aan op de website van het Bureau Erkenningen: http://www.erkenningen.nl/ 
  • Welke spuitdop is driftarm en mag ik gebruiken in het kader van het Lozingenbesluit?
    Antwoord: De zogenaamde doppenlijst is te vinden op de website http://www.wateremissies.nl/ (kiezen voor het thema Landbouw en veeteelt en LOTV) of in de Wvo-vergunning.
  • Welke voorzieningen kunnen op het eigen bedrijf worden genomen om ongewenste milieubelasting te voorkomen?
    Antwoord: De handige algemene brochure Voorkom milieubederf op eigen erf biedt praktische informatie. Het betreft de brochure over erfinrichting. In de loop van volgend jaar zal een geactualiseerde versie beschikbaar zijn. 
  • Wanneer is het Lozingenbesluit Open Teel en Veehouderij (Lotv) op het bedrijf van toepassing en wanneer moet er een WVO-vergunning aangevraagd worden?
    Antwoord: In principe is het LOTV van toepassing op een bloembollenteeltbedrijf behalve bedrijven die vallen onder de uitzonderingen van artikel 2 a t/m m. Deze bedrijven dienen bij het waterschap een zgn. WVO-vergunning aan te vragen.
  • Welke eisen stelt een Wvo-vergunning?
    Antwoord: Voor voorschriften wordt verwezen naar uw vergunning. Een groot aantal vergunningen is opgegaan in de AMvB open teelten en veehouderij.
    Hierbij enkele aandachtspunten:
    -  wijziging aan of van de spuitmachine (spuitpakket) moet schriftelijk worden doorgegeven aan de vergunninglener;
    -  wijziging van percelen dienen ook schriftelijk gemeld en afgemeld te worden bij de waterbeheerder. Dit geldt ook bij ruil van grond;
    -  voorkom dat water van verharde oppervlakten afstroomt op het oppervlaktewater.
    -  Bij het vullen van de spuit: let op voldoende afstand tot de sloot en op voorzieningen zoals een terugslagklep of buffervat;
    -  zet geen kisten op een zodanige manier neer dat afstromend regenwater van deze kisten in de sloot kan komen. Sla kisten overdekt op. 

Deze pagina verwijst naar een document in PDF-formaat. Om PDF-documenten te kunnen lezen heeft u het programma Acrobat Reader nodig.
U kunt Acrobat Reader gratis downloaden.

Disclaimer | KAVB 2009